Recent was er weer een gewelddadig incident op een bus van De Lijn in Antwerpen. Tijdens het debat in het parlement vertelde Bart Caron volgende parabel:
Het ‘gewelddadig gedrag’ van jongeren leert ons iets over de samenleving waar we in leven . Ze zijn de rozenstruiken van de samenleving. Ik gebruik dat beeld om de relatie tussen de samenleving en kwetsbare jongeren duidelijk te maken.
In het zuiden van Frankrijk plant een verstandige wijnbouwer rozenstruiken tussen zijn druivenranken. Hij doet dit omdat rozenstruiken kwetsbare planten zijn die op voorhand mogelijke ziektes in de wijngaard aangeven. De wijnbouwer kijkt elke dag naar zijn rozen. Niet alleen naar de mooie bloemen maar vooral om na te gaan of zijn rozen geen sporen van ziektes vertonen. Als dit zo is, grijpt hij onmiddellijk in en behandelt zijn wijngaard preventief tegen de op komst zijnde ziektes.
De jongeren waar we het over hebben zijn de rozenstruiken van onze samenleving. Het zijn mooie maar kwetsbare bloemen die aangeven wat er misloopt met onze samenleving. Wat geven ze aan? Thuisloosheid, ontwrichting, wereldloosheid…. 95% van hen signaleert dat ze zich niet meer verbonden voelen met de samenleving, ze voelen zich verlaten in een drukke, en steeds anoniemer wordende context waarin ze leven. Ze hebben niet het gevoeld deel te zijn van een gemeenschappelijk project, mee te bouwen aan een wereld die een thuis biedt. Steeds meer mensen – niet alleen jongeren – hebben deze ervaring.
Hannah Arendt, een joodse politiek filosofe spreekt van “een toename van wereldloosheid, een verdampen van het in-between, de sociale woestijn”. Volgens de onlangs in Leuven gelauwerde prof. John Braithwaite, een eminente criminoloog, is de anonieme en van persoonlijke relaties ontdane samenleving dé voedingsbodem voor geweldpleging en normoverschrijding.
Als we de evolutie naar meer geweldpleging ten gronde willen aanpakken moeten we het daar over hebben. Het gaat dus om samenlevingsopbouw, in de brede zin van het woord, naast de directe aanpak van jeugdcriminaliteit. Dat betekent o.a. de jongeren betrekken bij de opbouw van onze samenleving via allerlei projecten, het stimuleren van oplossen van conflicten, normoverschrijding via familieconferenties aanpakken enz.
Daarnaast is een snelle en duidelijke reactie op normoverschrijding belangrijk. Maar, waarde minister van welzijn, jeugdconsulenten en rechters zitten met hun handen in het haar, telkens als jongere met een probleem ‘binnenkomt’ mogen ze aan een uitzichtloze zoektocht naar een opvangplaats beginnen. Een opvangplaats in een instelling of een intense ambulante begeleiding. Het kan toch niet dat het soms meer dan een jaar duurt voor er iets gebeurt met de jongere. Tijd genoeg om van kleine feiten naar ernstige misdrijven te evolueren. Het Globaal Plan moet nog sneller worden geïmplementeerd, en worden uitgebreid. Er is haast bij, ja. Too little, too late, mijnheer Vanackere, Wij kunnen niet anders dan naar u kijken, het is uw verantwoordelijkheid.
Ik wil een consequente, én ondersteunende aanpak. Vandaar dat we, daarnaast, kunnen leven met een minimum en zeer beperkt aan plaatsen voor jeugddetentie. Niet zoals in Nederland waar meer dan 2000 plaatsen jeugddetentie voorzien zijn. Daar is de jeugdcriminaliteit er niet minder op geworden. Maar laat er geen twijfel over bestaan: er is een kleine groep criminele jongeren met een haast uitzichtloos perspectief. Voor die groep is er weinig of geen alternatief.
Heel veel werkers op het terrein ervaren hoe constructief het is om de mensen te betrekken bij het zoeken naar oplossingen voor conflicten en normoverschrijding. Dat is hoopgevend. En we moeten snel kunnen interveniëren. Daar moeten we op inzetten.
En daarnaast, we moeten de woestijn aanpakken waarin we leven. Helaas, de rozenstruiken zien er niet goed uit. Er staat schimmel op. Laat ons de planten verzorgen, anders komen er geen beloftevolle wijnjaren aan.
Meer info: Bart Caron, 0477/49.58.10 bart.caron@vlaamsparlement.be

